Artikelen, mediaoptredens, lezingen en exposities van Jeroen Komen.
22 september 1994 (door Mirke Beckers)
22 september 1994 – Een uitgebreid achtergrondartikel in het Utrechts Universiteitsblad (U-blad) over de avontuurlijke en moeizame fondsenwerving voor de USA-studiereis van CKI-vereniging Pallas. Organisatoren Jeroen Komen en Mark van Atten vertellen openhartig over e-mails van AI-grootheden, afwijzingen van kritische bedrijven en de uiteindelijke triomf: de reis gaat door!
PROGRAMMA STUDIEREIS VS BEDUIDEND SNELLER ROND DAN FONDSWERVING
De studievereniging bestaat vijf jaar, en kunstmatige intelligentie – het vak waarin alle leden zich bekwamen – is het bindende element. Het lag dus in de rede dat er een verantwoorde lustrumactiviteit zou worden georganiseerd. Een reis moest het worden. Een verre reis naar het MIT, het Massachusetts Institute of Technology in Boston – de bakermat van de kunstmatige intelligentie. Er stroomde veel water door de vaarten voor de plannen gestalte kregen.
— Mirke Beckers —
“Toen we dat E-mailtje kregen van de secretaresse van Daniel Dennett, dat hij het leuk zou vinden om ons te ontmoeten... nou, dat was geweldig!” Mark van Atten kan er nog steeds niet over uit. Als lid van de programma-commissie schreef hij een aantal Amerikaanse kopstukken op het gebied van de kunstmatige intelligentie aan, om te vragen of ze tijd hadden om een groep Nederlandse studenten te ontvangen. “En ze reageerden allemaal even enthousiast. ‘Kom maar, wat wil je horen!’ Ray Jackendorff van de Brandeis University zond meteen een E-mail terug: leuk, gaan we ergens lunchen. Nou, zo ging dat door. Stephen Kosslyn van Harvard ondertekende zijn tweede E-mailtje al met ‘S’, alsof we de beste kennissen zijn.”
Nee, ze hadden het absoluut niet verwacht, dat zulke beroemdheden die gewone Nederlandse studentjes zo maar wilden ontvangen. Mark brengt het in verband met het informele Anglo-Amerikaanse onderwijssysteem. “De mentaliteit van de docenten is heel anders dan bij ons. Daar zetten ze zich gewoon graag in voor studenten.” Maar ook de bedrijven in Boston die door de programmacommissie werden aangeschreven, reageerden welwillend op de vraag of een groep Nederlandse studenten een kijkje mocht komen nemen. Het programma was dus in een mum van tijd rond.
Hoe soepeltjes het de programmacommissie verging, zo tergend moeizaam verliep de fondsenwerving. “We begonnen met niks, we hadden niet eens postzegels”, vertelt Jeroen Komen, de voorzitter van de lustrumcommissie. “Het spaarplan, dat was onze eerste belangrijke truc. Zeventien studenten stortten 175 gulden per maand in een pot. Op de gok. Mocht de hele operatie mislukken, dan waren ze hun geld kwijt.”
Een clubje van elf nam de leiding, en de vader van een van hen was zo vriendelijk een mooie folder te drukken. Voor niks. “Dat was onze eerste mijlpaal,” zegt Jeroen. “En omdat we het project ook nog een naam hadden gegeven – Pallas, de bijnaam van Athene, de godin van de wijsheid – zag het er ineens allemaal heel professioneel uit. Echt iets waar je bij bedrijven mee kunt aankomen.”
Om te peilen hoeveel studenten er mee wilden als de reis 1.500 gulden per persoon zou kosten, hielden de organisatoren begin van dit jaar een enquête. De reactie was overweldigend: vijftig inschrijvingen. De werving kon nu echt van start gaan. Daarvoor maakten de organisatoren eerst een data-base van 2.500 bedrijven, om vervolgens vijfhonderd potentiële sponsors te verdelen over de vijftig studenten die mee op reis wilden. Degene die beet had, kreeg korting.
Maar toen begon de ellende. “We hebben echt alles geprobeerd. Telefoontjes, brieven, als je pech had moest je ook nog langskomen... het leverde amper iets op.”
En natuurlijk waren er ook studenten die zich niet aan de afspraken hielden. Heel vervelend, aldus Jeroen. “Je merkt het heel duidelijk: studenten die goed zijn in hun studie, zetten zich ook echt in voor zo’n reis, terwijl slechtere studenten die inzet niet tonen. Sommigen raakten ook gedemotiveerd omdat ze van ons steeds te horen kregen dat ze het niet goed deden. Maar ja, je moet hard zijn, soms moesten we ze echt opvoeden. Ik bedoel: je afmelden voor een vergadering als je niet komt, is toch wel het minste dat je kunt verwachten.”
Na deze eerste mislukte poging, bedachten ze nog verschillende andere acties. ‘Honderd keer honderd’ was er zo een. “Als honderd bedrijven ieder honderd gulden – wat toch niet zoveel is – op onze rekening zouden storten, hadden wij al weer 10.000 gulden”, verduidelijkt Jeroen. Maar ook die actie mislukte. “We kregen steeds te horen dat de begroting voor 1994 al rond was.”
Ach, hij begrijpt het best, dat bedrijven niet scheutig zijn met het weggeven van geld. Maar toch kan hij zich niet aan de indruk onttrekken dat het voor studenten CKI nog net even moeilijker is, dan voor studenten van andere studierichtingen. “De meeste bedrijven worden een beetje argwanend als ze het woord artificial intelligence horen. ze denken dat het ethisch niet helemaal in de haak is, en willen hun naam er niet aan verbinden.”
Alleen via achterdeuren wil het, volgens Mark, nog wel eens lukken. “Je plukt een naam uit een vakblad, belt die persoon op en dan zijn ze vaak al gevleid dat je hun artikeltje hebt gelezen.”
Maar zoveel sluipwegen waren er nu ook weer niet. “Uit noodzaak” besloten ze zich daarom maar als onderzoekers aan te bieden. Zowel de ABN-Amro als Bolesian, het meest toonaangevende bedrijf op het gebied van de kunstmatige intelligentie in Nederland, hapte toe. Een vijftal studenten gaat in Boston informatie voor beide firma’s verzamelen, en Pallas krijgt daar in totaal 10.000 gulden voor. Een klein succesje, dat wel, maar echt voldoende was het nog steeds niet.
Veel steun van de faculteit kregen de organisatoren evenmin. Ja, ze mochten de telefoon en de fax zoveel gebruiken als ze wilden, en dat was natuurlijk heel fijn. Maar, zegt Jeroen, “omdat niet alle studenten mee konden en de faculteit alleen maar iets voor alle studenten tegelijk wil doen, distantieerde ze zich van het project. Dat is gewone jammer.” Maar wat hij echt triest vond was de weigering van de universiteit om een stagiair te begeleiden. “In april bedachten we dat het ons veel tijd zou besparen als we een stagiair zouden aantrekken voor de werving van sponsors. We hadden er al een, maar de universiteit wilde er niets voor vrijmaken.”
Midden juni moest de organisatie vaststellen dat deelneming aan de reis niet mogelijk was voor 1.500 gulden, en werd de prijs verhoogd tot 2.250 gulden. “Dat was moeilijk”, zegt Jeroen “je hebt het de hele tijd beloofd, iedereen was teleurgesteld, en wij waren bang dat iedereen zich zou terugtrekken.” De inschrijving werd heropend, en aanvankelijk leek het inderdaad een treurige zaak te worden.
Slechts vijf inschrijvingen, “en daar krijg je geen groepskortingen mee. Maar uiteindelijk werden het er toch 22, en kunnen we gaan. Ik heb net geboekt, 18 oktober vertrekken we.”
‘Pallas’ in wording: voortrekkersrol trekt weinig mensen aan
Foto: Maarten Hartman (© U-Blad)